Nieuws
Eindejaarstips 2007
Op de valreep van 2008 willen wij u nog een zevental tips meegeven, waar u wellicht uw voordeel mee kunt doen!
1. Beperk de kostenaftrekbeperking
2. Benut de SW bedrijfsopvolgingsregeling
3. Deel administratie afvoeren
4. Voorkom te veel vreemd vermogen
5. Bv in 2008 weer aantrekkelijker
6. Boxhoppen kan niet ongestraft
7. Regel uw - vergeten - verrekenbeding!
1. Beperk de kostenaftrekbeperking
Verwacht u als IB-ondernemer over 2007 minder dan circa € 15.470 aan gemengde kosten te hebben gemaakt, kiest u er dan voor om 73,5% van deze kosten in aftrek te brengen. Dat is gunstiger dan toepassing van de hoofdregel op grond waarvan u deze kosten in zijn geheel kunt aftrekken, maar tegelijkertijd € 4.100 bij de winst moet tellen. Beperkt aftrekbaar zijn de kosten van voedsel, drank en genotmiddelen, representatie – daaronder begrepen recepties, feestelijke bijeenkomsten en vermaak – en van congressen, seminars, excursies, studiereizen en dergelijke, inclusief reis- en verblijfkosten.
Voor bv’s geldt een soortgelijke regeling. Het niet aftrekbare bedrag voor bv’s bedraagt 0,4% van de loonsom in de bv, indien de uitkomst daarvan meer is dan € 4.100. Raadpleeg eventueel uw adviseur welke van beide regelingen in uw situatie het voordeligste uitpakt.
Voor wie van belang?
Voor iedere ondernemer die beperkt aftrekbare kosten maakt.
Welk voordeel?
U kunt een groter deel van de kosten ten laste van uw winst brengen en geniet daardoor meer belastingbesparing.
2. Benut de SW bedrijfsopvolgingsregeling
Het schenken van uw IB-onderneming of een pakket aandelen in uw bv aan een of meer van uw kinderen kan aantrekkelijk zijn, zowel in het kader van een (gedeeltelijke) bedrijfsopvolging als in het kader van estateplanning. Na schenking komt een evenredig deel van de door de onderneming behaalde winst ten goede aan uw kinderen. Dat gedeelte van uw vermogen valt niet in uw nalatenschap, waardoor er bij uw overlijden minder successierecht verschuldigd is.
De Successiewet (SW) kent voor het schenken of vererven van ondernemingsvermogen of een pakket aanmerkelijk-belangaandelen in een actieve bv een aantrekkelijke regeling. Die regeling omvat drie faciliteiten: een vrijstelling van 75%, een gunstige waardering van de onderneming ingeval de liquidatiewaarde hoger is dan de going-concernwaarde en tien jaar lang (rentedragend) uitstel van belastingbetaling.
De SW-bedrijfsopvolgingsregeling is met name interessant voor ondernemers die hun bedrijf of de aandelen in hun bv willen overdragen aan de volgende generatie zonder de feitelijke zeggenschap over de bedrijfsuitoefening direct over te doen. Bij een dergelijke schenking is wel vereist dat de ondernemer/dga 55 jaar of ouder is en de onderneming al vijf jaar drijft of de aanmerkelijk-belangaandelen ten minste vijf jaar in bezit heeft. De begiftigde kinderen moeten de verkregen IB-onderneming vijf jaar voortzetten. Bij een bv ligt dat wat anders: zij moeten de aandelen vijf jaar in bezit houden en de bv moet de bedrijfsactiviteiten vijf jaar voortzetten. Specifiek voor bv’s is vereist dat de bv een onderneming drijft; dat kan – onder voorwaarden – geconsolideerd worden bezien. Heeft de bv naast bedrijfsvermogen ook enig beleggingsvermogen, dan is dat geen beletsel: beleggingsvermogen is toegestaan tot 15% van de waarde van de aandelen in de bv. Vraag uw belastingadviseur naar de mogelijkheden in uw situatie.
Voor wie van belang?
De ondernemer/dga die 55 jaar of ouder is, de onderneming al vijf jaar drijft of de aandelen in de bv vijf jaar in bezit heeft, de onderneming gedeeltelijk wil overdragen aan zijn kinderen en toch nog actief bij de bedrijfsvoering betrokken wil blijven.
Welk voordeel?
Een vrijstelling van 75% van de waarde van het ondernemingsvermogen/de aandelen voor de heffing van schenkingsrecht, een gunstige waardering van die aandelen bij onderrentabiliteit en desgewenst ook nog tien jaar uitstel van betaling van het schenkingsrecht over de niet vrijgestelde 25%.
3. Deel administratie afvoeren
De wettelijke bewaartermijn voor de administratie is zeven jaar. Dat betekent dat u de administratie over 2000 en eerdere jaren na de jaarwisseling kunt afvoeren. De bewaarplicht geldt voor bijvoorbeeld de geldadministratie (kladkas-, kas-, bank- en giroboeken), de loonadministratie, de voorraadadministratie, de debiteuren- en crediteurenadministratie, de in- en verkoopadministratie, de grootboeken en de in- en uitgaande facturen. De bewaarplicht geldt zowel voor de papieren versies als de elektronische versies, zoals diskettes, cd’s, dvd’s, microfilms, enzovoort. Houdt u daarbij in het achterhoofd dat deze termijn niet geldt voor de omzetbelasting ter zake van onroerende zaken. In verband met de herzieningstermijn van de aftrek voorbelasting voor bijvoorbeeld bedrijfspanden, moet u de gegevens van onroerende zaken tien jaar bewaren.
Voor wie?
Iedere ondernemer.
Welk voordeel?
Ruimte en overzicht in uw administratie creëren.
4. Voorkom te veel vreemd vermogen
Ga goed na of de verhouding tussen eigen en vreemd vermogen in uw bv op orde is. Sinds 1 januari 2004 worden grenzen gesteld aan de mogelijkheden om een bv met vreemd vermogen te financieren (thin capregeling). Als de verhouding vreemd vermogen : eigen vermogen in uw bv groter is dan 3:1 en het verschil groter is dan € 500.000, dan is de rente op het overschot aan vreemd vermogen niet meer aftrekbaar indien en voor zover de bv die rente (per saldo) verschuldigd is op leningen aan groepsmaatschappijen. Rente die verschuldigd is op leningen aan derden blijft dus volledig aftrekbaar. De niet-aftrekbare rente kan nooit meer bedragen dan het verschil tussen de betaalde en ontvangen rente op leningen van met de bv verbonden (binnen- en buitenlandse) vennootschappen. Ga met uw adviseur na of de verhouding tussen het eigen en vreemd vermogen in uw bv ultimo 2007 naar verwachting zodanig zal zijn dat de renteaftrekbeperking niet van toepassing is. Lijkt dat anders te zijn, dan moet u nog dit jaar passende maatregelen nemen om de beperking van renteaftrek te vermijden.
Voor wie van belang?
Voor alle bv’s waarvan de verhouding tussen eigen en vreemd vermogen ultimo 2007 naar verwachting zodanig is dat de rente niet meer geheel aftrekbaar is.
Welk voordeel?
Het vermijden van niet-aftrekbare rente.
5. Bv in 2008 weer aantrekkelijker
Met ingang van 1 januari 2008 wordt de bv nog aantrekkelijker. Dat komt door een oprekking van de eerste en tweede tariefschijf in de vennootschapsbelasting. Over de eerste € 40.000 winst die de bv maakt, betaalt u volgend jaar 20% vennootschapsbelasting. Over de winst tussen de € 40.000 en € 200.000 betaalt u in 2008 23% belasting. Over het meerdere bedraagt het tarief 25,5%. Gaat u goed na of het voor u voordeliger is om over te stappen naar de bv. De tarieven in de inkomstenbelasting – waar ondernemers met een eenmanszaak mee te maken hebben – blijven vrijwel ongewijzigd. Bedenk overigens wel dat niet alleen fiscale motieven van belang zijn bij de keuze tussen eenmanszaak en bv.
Voor wie van belang?
Ondernemers die overwegen over te stappen naar een bv.
Welk voordeel?
In 2008 dalen de tarieven in de vennootschapsbelasting opnieuw, terwijl de tarieven in de inkomstenbelasting nagenoeg hetzelfde blijven.
6. Boxhoppen kan niet ongestraft
Het schuiven van inkomen tussen de verschillende boxen – ook wel boxhoppen genoemd – kan fiscaal voordeel opleveren. Stel dat u de tijdelijk overtollige liquide middelen in uw bedrijf direct ná 1 januari van box 1 of vanuit de bv naar box 3 overbrengt, dan vermijdt u de zware belastingheffing over het rendement op dat geld in box 1 (progressief tarief met maximaal 52%) of in de bv en ruilt u die in voor de veel gunstiger vermogensrendementsheffing van 1,2% van box 3. Vindt die overbrenging direct na 1 januari 2008 plaats dan voorkomt u dat de gelden ultimo 2008 en 1 januari 2009 tot de heffingsgrondslag van box 3 behoren. Op deze manier kunt u zelfs de box 3-heffing geheel vermijden! Het zal u niet verbazen dat de wetgever hier een stokje voor heeft gestoken.
Vermogensbestanddelen moeten aan het einde van het jaar aan een van de boxen worden toegedeeld. Bij die toedeling geldt een duidelijke rangorde: een vermogensbestanddeel dat in box 1 valt, kan niet aan box 2 of box 3 worden toegedeeld, ook niet als in box 1 een vrijstelling geldt. Hetzelfde geldt voor de rangorde tussen box 2 en box 3. Een vermogensbestanddeel dat rondom de peildata (1 januari en
31 december) voor de vermogensrendementsheffing vanuit box 3 naar een andere box (box 1 of 2) wordt overgebracht en dat niet langer dan zes aaneengesloten maanden dienstbaar is aan het verwerven van inkomen in die andere box, wordt tot de grondslag van beide boxen gerekend. Dat betekent een dubbele belastingheffing! De inkomsten die uit het ‘verschoven’ vermogensbestanddeel worden genoten tijdens de periode van minder dan zes maanden worden dan in box 1 of box 2 belast en het betreffende vermogensbestanddeel wordt tevens betrokken in de vermogensrendementsheffing van box 3. Als het vermogensbestanddeel niet langer dan drie maanden uit box 3 is weggeweest, worden de inkomsten zonder meer in beide boxen in de heffing betrokken. Is het vermogen meer dan drie, maar minder dan zes maanden verschoven, dan blijft toerekening aan box 3 en daarmee de dubbele belastingheffing achterwege als de belastingplichtige aantoont dat er zakelijke argumenten aan de vermogensverschuiving ten grondslag liggen.
De grondslag voor de vermogensrendementsheffing van box 3 wordt bepaald door het nettovermogen (de waarde van de bezittingen minus de schulden in box 3) op deze twee peildata te middelen. Om de heffing over 2007 te beperken, is het zaak om zoveel mogelijk vermogensbestanddelen per 31 december (en derhalve ook per 1 januari 2008) niet in box 3, maar in bijvoorbeeld de onderneming (box 1) of de bv onder te brengen. Overleg met uw adviseur welke mogelijkheden u heeft om nog dit jaar of direct volgend jaar profijtelijk en ongestraft te boxhoppen.
Voor wie van belang?
Voor alle vermogende belastingplichtigen.
Welk voordeel?
Door het vermogen ultimo 2007 goed over de boxen te spreiden kan box-3 heffing (vermogensrendementsheffing) worden bespaard.
7. Regel uw - vergeten - verrekenbeding!
Bent u op huwelijkse voorwaarden getrouwd en staat er in uw huwelijksvoorwaarden een verrekeningsbeding? Vergeet dan niet nog dit jaar de afrekening met uw echtgenoot op te stellen. Als u de afrekening (over een reeks van jaren) achterwege laat, kan dat bij overlijden of echtscheiding tot hoogst onaangename gevolgen leiden.
Per 1 september 2002 zijn algemene regels voor verrekenbedingen in de wet opgenomen. Indien partijen niet aan de verrekenplicht hebben voldaan, wordt het dan aanwezige vermogen vermoed te zijn gevormd uit hetgeen verrekend had moeten worden! Uw partner heeft mogelijk recht op de helft van het sedert het aangaan van het huwelijk gegroeide vermogen, terwijl dat wellicht niet overeenstemt met de oorspronkelijke bedoeling van u en uw echtgenoot. Door het verrekenbeding na te leven zorgt u ervoor dat de bedoelingen van partijen met betrekking tot de huwelijkse voorwaarden worden nageleefd en u niet voor verrassingen komt te staan. Heeft u jarenlang verzuimd het periodiek verrekenbeding na te leven, neem dan direct contact op met uw adviseur. Dergelijke verrekenbedingen moeten zo snel mogelijk worden ‘hersteld’ om recht te doen aan de oorspronkelijke bedoelingen van de echtgenoten. Met behulp van een vaststellingsovereenkomst en wijziging van de verrekening kunnen de bedoelingen van partijen alsnog worden gerealiseerd.
Wanneer van belang?
Als u op huwelijkse voorwaarden getrouwd bent en in die voorwaarden een verrekenbeding is opgenomen.
Welk voordeel?
Door het verrekenbeding na te leven houdt u de beschermende werking van de huwelijkse voorwaarden in stand.
Bron: Sdu uitgevers, Belastingzaken jaargang 20, november 2007 nummer 9